Totaal structurele kosten 2026

Stand januari

Toelichting

De totale structurele regeldrukkosten als gevolg van nieuwe wet- en regelgeving in 2026 (stand januari) komen tot nu toe uit op een toename met ongeveer €31,68 miljoen. Dat bestaat uit een toename met bijna €25,95 miljoen als gevolg van Europese regelgeving en met ongeveer €5,73 miljoen door nationale regelgeving.

Grootste toenames structurele kosten in 2026 (stand januari)

Grootste toenames structurele kosten in 2026
RegelingToenameMinisterieEU-gerelateerd?
1Verzamelbesluit Besluit bouwwerken leefomgeving 2024 - wijziging van de drempeleis bij buitenruimten €25.950.000Ministerie van Binnenlandse Zaken en KoninkrijksrelatiesJa
2Energieregeling €22.300.000Ministerie van Klimaat en Groene GroeiNee
3Energiebesluit €12.750.000Ministerie van Klimaat en Groene GroeiNee
4Verzamelbesluit Omgevingswet IenW milieu 2025 €2.535.000Ministerie van Infrastructuur en WaterstaatNee
5Belastingplan 2025€1.900.000Ministerie van FinanciënNee

Toelichting

De volgende regelingen veroorzaakten in 2026 tot nu toe (stand januari) de grootste toenames aan structurele regeldrukkosten. 

1. Verzamelbesluit Besluit bouwwerken leefomgeving 2024 – wijziging van de drempeleis bij buitenruimten

Vanaf 1 januari 2026 geldt in Nederland een aangescherpte drempeleis voor nieuwbouwwoningen: de drempel naar een verplichte buitenruimte (zoals balkon, loggia of tuin) mag maximaal 20 mm (0,02 m) hoog zijn. Deze regel is vastgelegd in het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl) en zorgt voor betere toegankelijkheid voor rolstoelgebruikers, ouderen en mensen met een kinderwagen.

Zie voor meer informatie de Nota van toelichting bij dit Besluit.

2. Energieregeling

In 2026 wijzigt de energieregeling door de inwerkingtreding van de nieuwe Energiewet, met hogere belasting op gas (€0,73/m³) en lagere belasting op stroom (€0,11/kWh). Daarnaast worden digitale meters verplicht en moeten leveranciers vaste modelcontracten aanbieden. De regeling leidt tot eenmalige regeldrukkosten voor bedrijven van minimaal €16,9 miljoen en maximaal €29,1 miljoen. Het grootste deel hiervan betreft inhoudelijke nalevingskosten voor leveranciers, met name voor het aanpassen van processen rond de contractuele verhouding met afnemers en de invoering van het leveranciersmodel. De verschillen tussen de minimale en maximale schatting hangen samen met de flexibiliteit van digitale systemen en de mate waarin leveranciers al persoonsgegevens controleerden.

De structurele regeldrukkosten voor bedrijven worden geraamd op minimaal €14,3 miljoen en maximaal €30,3 miljoen per jaar, eveneens voornamelijk bij leveranciers.

Zie voor meer informatie de Toelichting bij de regeling

3. Energiebesluit

Het Energiebesluit werkt de Energiewet nader uit en bevat uitvoeringsregels voor marktdeelnemers (zoals leveranciers, meetverantwoordelijken en balanceringsverantwoordelijken) en systeembeheerders (TSB’s en DSB’s), onder andere over vergunningverlening, contractuele verhoudingen, leveringszekerheid, financiële eisen en gegevensuitwisseling. Dit leidt tot beperkte eenmalige administratieve lasten (minimaal €175.000 en maximaal €223.000), en tot structurele regeldrukkosten van circa €12,3 tot €13,2 miljoen per jaar.

Zie voor meer informatie de Nota van toelichting bij dit Besluit.

4. Verzamelbesluit Omgevingswet IenW milieu 2025 

Het Verzamelbesluit wijzigt meerdere AMvB’s die onder het stelsel van de Omgevingswet vallen. Daarnaast wijzigt het Verzamelbesluit een enkel onderdeel van onder andere het Asbestverwijderingsbesluit 2005, het Besluit veiligheidsregio’s en het Besluit stortplaatsen en stortverboden afvalstoffen. De regeldrukeffecten bestaan enerzijds uit nieuwe meld-, meet-, keurings- en rapportageverplichtingen (bijvoorbeeld voor waterstofinstallaties, asfaltcentrales en sloop met asbest), en anderzijds uit een vermindering van lasten door het vervallen van vergunningplichten en lagere keuringsfrequenties voor bepaalde installaties.

Zie voor meer informatie de Nota van toelichting bij dit Besluit.

5. Belastingplan 2025

De huidige btw-herzieningsregeling wordt uitgebreid met diensten die de kenmerken bezitten van investeringsgoederen. Deze uitbreiding heeft gevolgen voor ondernemers met vastgoed, die moeten nagaan of hun diensten hieronder vallen. Dit leidt tot extra administratieve verplichtingen, vooral voor ondernemers die vastgoed gebruiken voor zowel btw-belaste als btw-vrijgestelde prestaties. Ook ondernemers die uitsluitend één van beide gebruiken, moeten investeringsdiensten administratief volgen. Verwacht wordt dat vooral deze eerste groep te maken krijgt met hogere administratieve lasten. De structurele jaarlijkse lasten worden ingeschat op ongeveer €1,9 miljoen. Deze lasten zijn verbonden aan het bijhouden en herzien van btw-gegevens, met name in sectoren zoals vastgoed, financiële dienstverlening, onderwijs, zorg en overheid. Deze maatregel uit het Belastingplan treedt op 1 januari 2026 in werking.

Zie voor meer informatie de Memorie van toelichting bij het Belastingplan.

Grootste afnames structurele kosten in 2026 (stand januari)

Grootste afnames van structurele kosten in 2026
RegelingAfnameMinisterieEU-gerelateerd
1Regeling erkenningen wegverkeer€18.392.327Ministerie van FinanciënNee
2Wet plan van aanpak witwassen€8.800.000Ministerie van FinanciënNee
3Wet banenafspraak€5.300.000Ministerie van Sociale Zaken en WerkgelegenheidNee
4Verzamelbesluit Omgevingswet IenW milieu 2025€810.000Ministerie van Infrastructuur en WaterstaatNee
5Wet aanpassing fiscale bedrijfsopvolgingsfaciliteiten 2025€455.000Ministerie van FinanciënNee

Toelichting

De volgende regelingen veroorzaakten in 2026 tot nu toe (stand januari) de grootste afnames aan structurele regeldrukkosten.

1. Regeling erkenningen wegverkeer 

De Regeling regelt de voorwaarden, procedures en toezicht op RDW-erkenningen voor bedrijven in de voertuigbranche. De regeling moderniseert het stelsel en richt zich op het digitaliseren en vereenvoudigen van erkenningen voor specifieke handelingen, zoals het tenaamstellen en importeren van voertuigen.

Zie voor meer informatie de Toelichting bij de regeling.

2. Wet plan van aanpak witwassen

De Wet plan van aanpak witwassen versterkt het Nederlandse anti-witwasstelsel door de samenwerking tussen poortwachters (zoals banken) en overheid te intensiveren en gegevensdeling onder strikte voorwaarden mogelijk te maken. Kernpunten zijn de wettelijke basis voor gezamenlijke transactiemonitoring, het delen van signalen over ongebruikelijke transacties, aanvullende verplichtingen rond cliëntenonderzoek (CDD) en een versterkte rol voor coördinatie en toezicht binnen het Wwft-kader. Het verbod op contante betalingen vanaf € 3.000 voor beroeps- of bedrijfsmatige handelaren als kopers en verkopers in goederen heeft gevolgen voor de regeldruk. De huidige verplichtingen uit de Wwft, die gelden voor deze handelaren bij het verrichten van contante betalingen van €10.000 of meer, komen te vervallen. Dit betekent dat deze handelaren geen cliëntenonderzoek meer hoeven te verrichten en geen ongebruikelijke transacties meer hoeven te melden bij de FIU-Nederland. Het vervallen van deze verplichtingen brengt voor die handelaren een vermindering van de structurele nalevingskosten met zich mee van naar schatting €8,8 miljoen.

3. Wet banenafspraak

Per 1 januari 2026 zijn vereenvoudigingen in de Wet banenafspraak en het quotum arbeidsbeperkten in werking getreden. Het doel van deze herziene wetgeving is om het voor werkgevers makkelijker te maken mensen met een arbeidsbeperking in dienst te nemen en te houden. Daarbij worden de regels rondom de registratie en de quotumregeling gestroomlijnd.

Zie voor meer informatie de Memorie van toelichting bij deze Wet.

4. Verzamelbesluit Omgevingswet IenW milieu 2025

Het Verzamelbesluit wijzigt meerdere AMvB’s die onder het stelsel van de Omgevingswet vallen. Daarnaast wijzigt het Verzamelbesluit een enkel onderdeel van onder andere het Asbestverwijderingsbesluit 2005, het Besluit veiligheidsregio’s en het Besluit stortplaatsen en stortverboden afvalstoffen. De regeldrukeffecten bestaan enerzijds uit nieuwe meld-, meet-, keurings- en rapportageverplichtingen (bijvoorbeeld voor waterstofinstallaties, asfaltcentrales en sloop met asbest), en anderzijds uit een vermindering van lasten door het vervallen van vergunningplichten en lagere keuringsfrequenties voor bepaalde installaties.

Zie voor meer informatie de Nota van toelichting bij dit Besluit.

5. Wet aanpassing fiscale bedrijfsopvolgingsfaciliteiten 2025

Het doel van deze wet is de fiscale bedrijfsopvolgingsfaciliteiten eenvoudiger, doelmatiger en beter uitvoerbaar te maken en minder aantrekkelijk te maken voor onbedoeld gebruik. Het wetsvoorstel maakt deel uit van het pakket Belastingplan 2025.

Zie voor meer informatie de Memorie van Toelichting bij deze wet.